
Download subtitles of Cidade dos Homens 2007 Dutch
“Stad der Mannen”
Dead End Hill
Rio De Janeiro
Verdomme, Fasto.
Het is echt heet vandaag.
Heet, mijn reet.
Een gangster voelt geen hitte.
Tuurlijk is het heet man.
– Heet als hel.
Rotzon…
– Het is verdomme heet.
Tijd voor ‘t strand.
Ben je gek?
– Op naar het strand, man.
Daarmee vraag je om problemen, broer.
Ik wil lekker zwemmen, kerel.
Ben je serieus, Midnight?
– Jazeker, Tina.
Gebruik de slang, bro.
Ik zal ‘m zelfs voor je vasthouden.
Wat is dat, Fasto?
Hou jij mijn slang vast?
Hé, man,
hij wil mijn slang vasthouden…
Ophouden.
Kom op, we gaan naar het strand.
Wil je gaan zwemmen?
Oké, vriend.
Daarom mag ik jou, bro.
Tina, haal de walkie talkies
en de geweren uit de hut.
Bette, vertel de politie
dat wij eraan komen.
Wil je zwemmen?
Dat kan je krijgen, bro!
Hé, Wallace!
Wakker worden, schat!
Ik moet naar werk.
Let goed op Clayton, oké?
Ik kom vannacht terug.
Doei! Hou van je…
Hé, Ace! Hoe is het?
– Hé, hoe is het leven?
Weet je wat vandaag is?
De derde!
Kijk daar!
– Waar gaan ze heen?
Laten we gaan kijken.
– Ik kan niet, man. Ik heb Clayton.
Nou, later!
Kom op!
Wallace! Wacht!
Bikinis en kontjes…
– Ja…
Bikinis en kontjes!
Ik wed dat je niet eentje kan pakken…
Kijk naar haar, jongen…
Je zus Tina is zo dun geworden.
Op naar het strand!
Dus, Midnight, hoe zit het met die
voetbalshirts voor de jongens?
We praten er later over.
Oké, coach?
Jij staat hier op de uitkijk.
En jij, daar.
Ik zal jullie roepen
als we klaar zijn.
Ik heb zin in een duik.
– De zon voelt heerlijk, Midnight!
Ik heb liever een privé strand.
Privé.
– Tuurlijk, bestel maar eentje op de heuvel!
Jij vraagt erom!
Je moet dat voor me regelen.
Draag al het zand…
Kom bij papa…
Het is echt heet.
– Vertel mij wat!
Al die bewaking alleen zodat je
neef kan gaan zwemmen!
Midnight heeft de heuvels al
3 jaar niet verlaten.
Wat is de planning, Fasto?
Twee daar zo…
– Twee daar zo!
Een bij de kiosk.
– Een bij de kiosk daar!
Twee andere achter ons.
Het kind, bij de weg.
– Opletten!
Doe je werk, jongens!
Midnight, kijk die
Japanse babe!
En het donkerharige meisje!
– Ik wil haar!
Jammer, ik ook.
Shit, jij wilt ze allemaal!
Oké, ik zal de Japanse
nemen.
Is goed, bro.
Hou even vast…
– Hé, ik wil ook erin.
Je moet hierop letten.
– Kom op, man.
Let erop.
Hé, Wallace.
– Hoe is het?
Hoe gaat het?
– Cool, man.
Kijk, Ace. Fasto heeft zelfs daar
een soldaat gezet.
Ik mag die Camila echt.
Ze is zeker schattig.
Wallace, luister naar me.
Vergeet haar.
Fiel houdt haar altijd in de gaten.
Dus pas op,
ze kan je in de problemen brengen.
Ik bedenk wel wat.
– Echt?
Waar is Clayton?
Laten we gaan zwemmen!
– Kom erin, Wallace.
Ik zie je, Wallace.
– Ik zie je.
Tina, pas even op dit voor me.
Ben ik een oppas?
Het voelt goed om
Midnight te zijn!
Ik ben boos, Fiel.
Die Midnight is een echte
Klootzak.
Blijf rustig.
– Een echte klootzak. Hoe gaat het, bro?
Kijk hiernaar, ik heb het gestolen.
Het is cool, man. Luister…
Wat is het.. een radio?
– MP3, man.
Gisteren was de tweede, of niet?
– Dag der doden.
Dus vandaag is het de derde.
Slim van je, Ace.
– Het is de derde, man!
Juist! Vrolijk verjaardag!
– Mijn verjaardag!
Lang zal hij leven…
Hé, wacht! Dat betekent dat
mijn verjaardag volgend maand is!
Zet hem hier!
Verdomme! 18 Jaar oud!
– Ja, wij allebei!
Ooit opgevallen dat rijkelui,
als ze 18 zijn, kunnen ze meteen rijden.
En arme kinderen?
Zij mogen werken.
Slaat nergens op.
Ik ben 18 en ik heb maar
één meisje geneukt in mijn leven.
En nog erger, het is mijn vrouw!
Jezus, man…
En Christiane werd zwanger
de eerste keer.
Mijn geluk weer.
Hé, Caju!
Let op het kind!
Ik zal 18 zijn, en ik weet niet eens
wie mijn vader is.
Nog erger, het zal voor altijd op mijn ID
te zien zijn: vader onbekend…
Vergeet al dat gedoe
om je vader.
Kijk naar mij.
Probeer geld te maken.
Ik kan niet, Ace.
Ik kan het niet vergeten.
We gaan lekker een duik nemen.
Kom op…
Hé, hebben jullie Prolbldâo Cds?
Ja, goed spul.
– Hoe zit het met Pagode muziek?
Tuurlijk, ik heb het… Ik heb alles.
– Shit!
Die kerel!
– Wat?
Ik denk dat hij mijn vader is.
Maar ik weet het niet zeker.
Ja, jullie lijken op elkaar!
Hij is ook niet zeker.
– Ga verder…
Alleen mijn moeder weet het
zeker, denk ik…
Echt? Ga met hem praten!
– Nee joh! Ben je gek?
Jullie lijken wel erg op elkaar
– Hou op!
Hé, meneer!
Hé, knul! Kom hier!
Hoe is het met je, Wallace?
– Hoi!
Hoe is het met je ma?
– Wel goed.
Hoe is het op school?
– Geweldig, ze zijn aan het staken.
Staken… en dat is geweldig?
Kan ik iets voor je doen, Wallace?
– Nee.
– Wat?
Ik heb een idee.
– Wat?
Een idee, man!
Kom op, we gaan!
Zeg gewoon dat het voor papieren zijn.
– Welke papieren?
Legitimatie enz.
Waar gaat dit over?
– Je zult het zien.
Je weet zijn naam, oma!
Vertel het me!
Hij kwam niet eens opdagen
toen je geboren werd.
Hij ging voetballen, terwijl je
moeder zoveel pijn had.
Ik vroeg Pedreira om hem te halen,
maar sindsdien heb ik hem niet gezien…
Dus wat, oma?
Vertel het mij, alstublieft.
Dona Elvira,
hij wil alleen de naam voor zijn ID.
Was hij geen bediende?
– Hou op, vrouw!
Was mijn vader een bediende?
Je vader was een nietsnut.
Hij had geen werk, hij sliep de hele dag.
Wat heb je aan een vader die niets
om zijn zoon geeft?
Shit! Clayton!
Laten we kijken wie daar is.
Oom Fasto…
Hé, Fasto! Het is tijd om te gaan.
Spel is voorbij.
Hou op met grapjes, Fasto. Hier…
– wat is dat nou, Midnight?
Pas op het kind.
Daar is je oom Fasto.
Waar is Ace?
– Let op het kind.
Het is Ace’s zoon.
Nu is hij van jou, neem jij hem!
Hij lijkt sprekend op je, man!
– De jongen is nu van ons.
We brengen hem terug naar de heuvels.
– Oké, dan zijn we weg hier.
Waar is het kind?
Niets, man!
Ik heb hem bij Caju gelaten!
Laten we gaan!
Caju, waar is Clayton?
Hoe moet ik dat weten?
– Hij was met jou.
Met mij? Maak je grapjes?
– Je bent een pik!
Vliegtuig, vliegtuig!
Een kop!
Geef de bal aan de jongen.
Heb je Clayton gezien?
– Een kleine zwarte jongetje.
Schoppen! Schoppen!
Een kleine zwarte jongen.
Hij is mijn zoon.
Schop het…
Geef hem aan mij…
Ga terug in het spel!
Terug in het spel!
Ken je nog Goiano?
Geweldig team waren zij, of niet?
Zeker…
Een all-star team.
– Zeker, Pedreira…
Jammer dat je me nooit laat spelen.
Waarom vraag je mij om geld?
Vraag degenen die speelden.
Shirts voor de jongens,
zal jou niet veel kosten, of wel?
Wat is dit?
– Geef hem aan zijn moeder.
Wat gebeurde?
– We praten later wel.
We zijn nog niet klaar!
Wat is er, Clayton?
Wat hebben ze met je gedaan?
Waar is je vader?
Heb je Clayton gezien?
– Daar.
Daarzo?
Mijn zoon…
Waar ben je?
Waar was hij?
– Hoe moet ik dat weten?
Jij bent de vader.
Die is een goeie!
Het is oké…
Het is afgelopen nu.
Zullen we naar huis gaan?
Wil je naar huis?
– Ja.
Dan gaan we. Niet huilen.
– Mamma! Mamma!
Hier is mamma.
– Zoon!
Wat is er gebeurd, lieverd?
Het was vreselijk…
– Tenminste weet je dat wel!
Ik bedoelde het niet zo…
Heb je besloten over Christiane?
Ik denk…
Ik wil het kind niet.
Maar het geld bij elkaar, krijgt ons niet
in een kliniek.
Dus wat ga je doen?
Ik weet het niet, man.
Ik ben te jong om een vader te zijn.
Ik zal Christiane voor een tijdje niet zien.
En haar het kind alleen laten opvoeden?
Een kind laten opgroeien,
zonder vader?
Wat is het nut van een vader nou eigenlijk?
Ik wou dat ik een vader had…
Om mij dingen te leren…
Om me naar school te brengen.
Dus je zoon zal net als ons zijn,
zonder vader?
Zichzelf alleen proberen te redden?
Altijd in de problemen komen?
Hoe is het met mijn neef?
In ’87 had ik het spelen opgegeven.
Ik was de trainer.
Wie zijn die andere mannen?
– Ze zijn allemaal van het team.
Kende jij mijn vader?
Nee, ik kende hem niet.
Was hij niet een van hen?
Meeste van deze mannen zijn dood,
of ze hebben de heuvels verlaten.
Mijn oma zegt, dat toen ik geboren werd,
had ze jou gestuurd om mijn vader te halen.
Ze wordt dement.
Je vader is daar niet.
Was een van hun bediende?
– Ik weet het niet.
Ik heb een idee…
Goiano, jij betaalt voor Tiquinho’s
shirt, hij is de ster-speler.
Dan zal ik de anderen roepen.
Het is maar 10 dollar per shirt.
– 15 dollar.
10 of 15?
– 15.
Wie zijn deze gasten?
– Ik herinner deze man niet.
Dit is Helinho.
Dat was mijn broer, Edson.
Helinho, zaten er kelners of bediendes bij?
Kelners?
Ik denk het niet.
Ben jij dat, Zeze?
– Nee, ik heb geen O-benen.
Was iemand een kelner?
– Een kelner? Nee…
Wacht… Heraldo was een bediende.
– Heraldo?
Hij kwam later bij het team.
– Hij was een kelner en in het team?
Hé, Ace!
– Nou wat?
Vertel…
– Nee he…
Kom op, man!
– Ik zal erover nadenken.
Je moet betalen.
– Als hel!
Oké, rustig aan.
Je vaders naam is Heraldo, bro.
Heraldo?
– Heraldo.
Heraldo.
Hij speelt bij
Aterro do Flamengo.
Het is een team van bediendes.
Heraldo…
Nu, Nu!
Pak hem, Pak hem!
Schiet!
– Een doeltrap!
Verdediger of aanvaller?
Wie, je vader? Vast de keeper,
als hij net zoals jou speelt.
Kijk, dat moet hem zijn!
Jullie hebben dezelfde stijl.
Het is erfelijk,
jullie hebben dezelfde pens!
Een reusachtige!
Spel is afgelopen, laten we kijken.
Tot volgend week! Bedankt!
Ben jij Heraldo?
Nee, ik ben Bira.
Wat is jouw naam?
– Vadinho.
Ken je iemand die Heraldo heet?
– Nee.
Ken jij Heraldo?
– Geraldo?
Ik ken vele Geraldos. Welke bedoel je?
– Nee, Heraldo, de bediende.
Ken hem niet.
Ken jij iemand die Heraldo heet?
– Heraldo?
Heraldo Coutinho?
– Nee, Heraldo, bediende.
Precies.
Wat wil je van hem?
Wallace’s vader is een vriend van hem.
Hij wil een bediende zijn,
dus hij dacht dat Heraldo kon helpen.
Je vader heeft hem zeker lang
niet gezien, of wel?
Het is een hele lange tijd terug.
Als Heraldo enig baan voor hem kan regelen,
zal het bij de gevangenis cafetaria zijn.
Hij zit vast door wat er bij
Fiery Bull gebeurde.
The Fiery Bull?
– De beroemde steakhouse. Weet je nog?
Hij heeft 20 jaar gekregen.
Ik hoorde dat hij in Frei Caneca zat.
Sorry daarvoor.
Bedankt.
– Veel succes.
Laten we het vergeten.
Wat? Je wacht 18 jaar hierop en
nu word je opeens bang?
Ja, maar ik dacht niet
dat ik hem hier zou vinden.
Wat als hij dood is?
Praat niet zo!
Kom op.
Hij is al 7 maanden weg van hier.
Hij is voorwaardelijk vrij.
– Wat had hij gedaan?
– Wat was zijn misdaad?
Wie ben jij?
– Zijn zoon.
Hallo? Hoi.
Ja, oké.
Heraldo Coutinho kreeg 20 jaar
voor doodslag. Hij deed er 15 van.
Doodslag? Beroving?
Ja, en een moord.
Hij was een moordenaar en een dief.
Laten we gaan.
Kom op.
Je hebt zijn foto nu…
Hoe is het met je?
– Hoe is het met je?
Laten we zitten.
Hoi, Fiel.
Wat is er aan de hand?
Het is te gecompliceerd.
Ga verder…
Heb jij een vader?
– Nee.
Ook geen moeder.
Wil je luisteren?
– Tuurlijk.
Wie was die bitch, Midnight?
– Een wijf… wat een kont…
Pak hem, Fasto!
En op daglicht.
Jij overvalt iemand, Fiel,
en dan breng je de politie hier?
Jij bent de lul, man.
– Klootzak, Wil je sterven?
Nou, Fiel?
Maak geen geluid.
Je MP3 en je tas.
Snel!
Geef ze aan mij!
Handen op de auto.
Laten we praten.
– Praten over wat?
Ik kan je geld regelen
bij Dead End Hill.
Alstublieft, man. Ik zweer…
– We zullen zien!
Je hebt het zwaar verpest!
Kom op, Midnight, alstublieft.
Alles wat ze willen is geld.
Wie betaalt de politie?
Alstublieft, Midnight. Geef ze nou
maar het geld, broer.
Luister…
Sommigen leren het de eerste keer,
sommige de tweede keer.
En sommigen leren het nooit, kerel.
Jij leert het nooit, Fiel!
Verdomme!
– Alstublieft, Midnight! Vermoord me niet, bro!
Laten we gaan, Fiel.
Sta op!
Alstublieft, Fasto!
Vermoord me alstublieft niet!
Sta op.
Je gaat dood.
Stomme klootzak!
Nog één, Ceara.
Koffie?
– Ja.
Een minder.
– Een minder.
Hé, Ace.
– Hé!
Hoi, Ceara.
– Hoi, Fininho.
Ze hebben Fiel vermoord.
– Fiel?
Wat had hij gedaan?
– Ik weet het niet, man.
Waarom Fiel, uit zo veel mensen?
Zie je deze cd-speler?
Hij verkocht het aan mij…
Voor goedkoop, echt goedkoop.
Het wordt een gekkenhuis.
Het leven gaat verder, bro.
Wat is er aan de hand?
Door je neef is mijn broer dood.
Zij wierpen zijn lichaam
in de steengroeve.
Zag je dat?
Ik wil hem begraven.
Ik zal je helpen.
Hij was alles wat ik had.
Fiel is hier niet, Camila.
Wat doe je in de regen?
Kom binnen.
Ik denk het niet.
– Kom op, het begint te gieten.
Maak je geen zorgen.
Kom hier! Snel!
Ik ben nu klaar.
Ace…
Hij moest mij niet zien.
Niet afhaken!
Kom op, Fasto!
Jullie zijn gek!
Goal!
– Shit!
Hou je mond even dicht…
Hé, Fasto.
Ace heeft mij gezien.
Het was mijn schuld niet.
– Oké, het zit goed. Oké…
Laten we spelen!
– Wie was dat?
Een of ander playboy van het strand.
– Wat wilde hij?
Wat hij wilde?
Wat hij altijd wil.
Bezorg je nu ook huis aan huis?
Verdenk je mij van iets?
– Ik verdenk niemand.
Ik zei dat hij moest oprotten.
Kom spelen.
Wie gaf jouw nummer aan
die playboy?
Vasco, die kerel heeft pijn, man.
Ja, Midnight.
Hij is zwaar verslaafd, krijgt nooit genoeg.
Vasco, bevalt het team je?
– Ja.
Neem dit dan!
Flamengo scoort!
Verdomme!
Goed zo! Verdomme Vasco!
Flamengo is de bom!
Smoke Hill
Fasto!
Wat is er, baas?
Dit is Breque.
Hij is oké.
We stellen je hulp op prijs, vriend.
Het plan is om terug te keren naar
de heuvel en Midnight vermoorden.
Je kunt op mij rekenen,
en op mijn wapens.
Ik zal je steunen.
Wat krijgen we nou?
– Hoe gaat het?
Man, ik denk dat ik Fiel zag.
– Shit, Ace! Levend?
Ik word gestraft door God.
Weet Fiel dat jij hem zag?
– Ik denk het wel.
Ga je je vader op het kantoor zien?
Ik weet het niet.
– Als je gaat, laat me weten.
Tuurlijk.
– En wat Fiel betreft…
mondje dicht, oké?
– Natuurlijk.
Het is serieus.
– Ik weet het.
Ben je vrij?
– Ja.
Nee, ik ben niet vrij.
– Ben je nou vrij of niet?
Nee, sorry.
Kijk, “d” staat gelijk aan “m” over “v”…
Camila!
Neem me niet kwalijk, leraar.
Wat doe jij hier?
– Je broer leeft nog.
– Je broer leeft nog steeds.
Maak geen grappen daarover.
– Ik maak geen grappen.
Ik wil hem zien.
Waar is hij? Hoe weet jij dat?
Ace zag hem.
Camila, ik kon je niet vertellen dat
ik nog leefde. Het was veel te gevaarlijk.
We wachten hier om naar binnen te gaan
en Dead End Hill over te nemen.
Dus blijf op je hoede, meid…
Blijf thuis en hou je rustig…
Je weet hoe deze dingen gaan.
Genoeg man! Ga je nou de hele
dag met je vriendin praten?
Ik spreek je later wel…
Fasto, het loopt uit de hand.
Zelfs mijn zus verdenkt van alles.
Ace heeft zitten praten
tegen iedereen.
Midnight is niet dom, man.
Weet je wat?
Ace is een verdomme idioot.
Maar geen zorgen, bro…
Cris!
Als we binnengaan
zal hij als eerste sterven.
Het is goed, ik ga dood, Ace.
– Je gaat niet dood…
Ga door, Cris.
– Niet stoppen…
Ace…
Ja, ga door.
Blijf doen wat je doet…
Hoe vond je het?
– Waar heb je dat geleerd?
Ik leer niet, Ik vind uit.
Leek alsof je iemand anders was.
– Hoezo? Heb je dat met iemand anders gedaan?
Nee, en jij?
Ik? Ik zou liever sterven.
Nooit in mijn leven…
Wil je een smoothie?
Hé, baby…
Waar is de blender?
Ik heb het verkocht.
– Heb je het verkocht?
Ik had geld nodig.
– Voor wat?
Al het lof aan Jezus! Halleluja!
Als iets uit je hart komt, krijg je
veel meer ervoor terug!
Ik vroeg God om iets,
en moest wat opofferen.
30 Dollar opofferen
– Wat heb je gevraagd?
Cris, weet je nog die baan in Sao Paulo?
Ik denk dat ik het aanneem,
maar alleen als jij meekomt.
En mijn zoon dan?
– Cris, over een jaar…
kan je 30 ruggen maken!
30.000 dollar?
Vertrouw op ons heer!
Hij kan je alles geven…
30.000, Heer.
Alleen maar 30.000 hier in Rio…
Met mijn zoon en mijn man, Heer.
Is dat veel gevraagd?
Voor een baan.
– Welke baan?
Ik denk dat ik naar Sâo Paulo
ga voor een jaartje.
Ben je serieus?
Als ik terug kom,
kunnen we ons eigen huis kopen.
En je laat me nooit achter met Clayton?
Jij bent de vader, Ace.
Cristiane…
Stil!
Ben jij de vader?
Wil je je zoon vasthouden?
– Nee, bedankt.
Kom op…
– Nee, alstublieft…
Hier, hou je zoon vast.
Ben je bang?
Heb ik je al verteld?
Cris wil naar Sâo Paulo.
Het gaat altijd over haar en Clayton.
En hoe zit het met mij?
Niemand heeft ooit op mij gelet.
– Nou, heel erg bedankt, vriend!
Het is waar, je stak wel
eens een handje uit.
Meer dan dat!
Ja, maar wat ik bedoel is,
ik heb altijd op Clayton gelet.
Zal ik ooit eens kunnen rusten?
Beter schiet je op,
we moeten gaan…
Moet ik ook nog op jou passen?
Dead End Markt
Daar is opa. Ga naar je tante.
– Wat ben je van plan?
Wallace wordt 18, en hij moet
zijn ID ophalen.
En jij?
Nou, ik moet gaan wegens het
wachtrij.
Wat moet je heen?
– Naar plek voor ID’s.
Op die manier, kan eentje in de rij staan,
terwijl de andere borg betaalt.
Je hoeft alleen op hem te letten,
tot het opvangcentrum open is.
Als je zoon eenmaal gegroeid is…
Hoeven we je leugens niet meer
aan te horen.
Ben jij Heraldo?
Waarom?
– Dit is Wallace.
Hier is je zoon.
Ben jij Wallace?
Wie ben jij?
– Ik ben Ace. Luis Claudio, Jr.
Je lijkt sprekend op je vader.
– Wat?
De volgende tien!
Kan ik hier op je wachten?
Zie je niet waar ik ben?
Echt niet, jongen. Ik kan je niets geven,
ik heb helemaal niets..
Wie gebruikt deze?
– Ze komen eraan.
Maak het onveilig…
– Hé, Midnight.
Weet je hoe?
Jij neemt deze.
Cool.
– Gebruik dit wapen…
We gaan Fasto vermoorden.
Begrepen?
Wat kunnen de kinderen doen?
Kleine man, kom hier.
Laat de kinderen wat vuurwerk zien,
ze kunnen kijken.
– Goed, bedankt, bro.
We zijn een sterk team.
Waar is het andere geweer?
Geef het aan hem.
– Aan hem?
Nee, geen geweer, niet voor hem.
– Echt niet.
Oké, geef hem een pistool.
Hou het laag.
Het is om Fasto te vermoorden. Ken je hem?
Die klootzak?
– Precies. Jij vermoordt hem.
Midnight, hij is daar niet klaar voor.
Omdat hij jouw broer is?
Is hij daarom niet klaar ervoor?
Tuurlijk is hij klaar, Tina!
Hou op, Tina.
Waarom doe je dit, Midnight?
– Wat doe ik, Tina?
Je gaat zeker dood.
Hij is nu met de dealers, Ace.
Wat is er met jou?
– Ik wil vechten voor ons heuvel.
Jij bent ziek.
– Wapens geven aan 15 jarige kinderen.
Kan je het geloven?
Blijf erbuiten. Ze gebruiken je alleen
en dan schoppen ze je eruit.
– Denk na over je vader.
Ik ga vechten, Ace.
De heuvel is verdomme van ons!
Wat een rotzak…
Deze kleine teefje is de zusje van Fiel.
En die wezel werkt samen met Fasto.
Jij kleine slet!
Je moest niet met gangsters rotzooien.
Snij haar haren eraf, snel!
Huil je, klein meisje?
Ik snij deze…
Hier.
Knip het.
Dit is een zware!
Hoe kom je aan zulke haren?
– Klaar!
Hoe noemen ze de zus van een wezel,
Tina?
Een wezelin.
– Moet boeten.
Dat is mijn zus in de taxi.
Ze leeft tenminste nog.
Ik dacht dat ik je kwijt was.
We komen gauw terug naar huis.
Hoeveel is het, bro?
– 25.
Hier heb je 30,
geef me 5 terug.
“WEZEL”
Hij zit vast, mevrouw.
Hij zal zo blij zijn,
om zijn kleinzoon te zien.
Ik weet dat hij meer
dan 15 jaar vastzit.
Hij weet niets over zijn kleinzoon.
– Wat?
Kom hier.
Toen zei het meisje dat hij
hem niet omhoog kreeg..
Wacht hier..
Hé, Wallace, hoe is het?
Gefeliciteerd met je verjaardag, vriend!
Ben je gek?
Het is over twee weken.
Echt?
Hier heb je in ieder geval een cadeautje.
Wat is het?
Je vaders adres.
– Hoe ben je eraan gekomen?
Hé, ik ben Ace, weet je nog?
Daar is het, man,
nummer 301.
Ga je niet?
Ik zal gaan.
Wie is daar?
– Ik ben het.
Kan ik met u praten, meneer?
Wat wil jij, knul?
Het gaat over uw zoon.
Kijk, hij wordt 18 jaar.
Nou…
We geven een feest voor hem.
Fijn. Gefeliciteerd.
Op het veld, volgend zaterdag.
Je moet ook komen.
– Als ik nog leef, zal ik komen.
Vast wel. Je kan het goed maken
voor de 17 andere wat je hebt gemist.
Ik heb je pa verteld dat we een feest hebben.
Wat voor feest, man?
Ik wist niet wat ik moest zeggen,
dus ik verzon wat.
Jij bent gek, man.
Wat gaan we nu doen?
Moet ik alles in me eentje bedenken?
Ik kan geen feest geven
zonder Camila.
Dat is iets tussen jou,
en je neef Midnight.
Hier, baas.
– Gek, man!
Dit is goed spul.
Pak dit geweer.
– En een pistool.
Ik hou veel van je, mijn zoon.
Je doet wat goed is.
God zij met je.
Kom op, Kleine Pelé!
Speel hard!
Goal! Goal!
Hierzo!
Cocâo, snel! Kleine Pelé!
Druk zetten, Cocâo!
Hier zo, Cocâo!
Ja, Cocâo, dat is goed!
En nu scoren!
Rennen! Rennen, jongens!
Snel, rennen!
Jij gaat als eerste dood,
moederneuker!
Het is Fasto! We gaan!
– Snel!
Dood Fasto!
Laat jullie gezichten zien!
Fasto is hier, klootzakken!
Uit de weg!
Snel!
In Gods naam!
Opschieten, hier zo!
Blijf op je hoede.
Je maakt te veel lawaai.
Bek dicht.
Hij is ontsnapt, verdomme.
Hou je ogen open.
Kom op.
Rennen.
– Rennen.
Schiet hem.
Snel, daar zo.
Daar, daar.
– Klote.
Let goed op!
Het wordt erger!
Laten we splitsen.
Zeker niet!
We gaan die moederneukers afmaken.
Ze hebben machine geweren!
Ze zullen ons afslachten!
Kom op, Midnight.
– Hier zo.
Deze kant op!
Dat is zijn oma’s huis,
kijk uit.
Laten we opsplitsen.
Waar is Midnight?
– Wat is dit?
Snel! Eruit!
Waar is mijn kleinzoon?
– Zo goed als dood!
Iedereen van zijn familie moet
de heuvels verlaten.
Brand de tent af!
Meer alcohol!
Giet alcohol over alles!
Cris!
Je verwoest onze levens.
– Het is voor ons huis, voor Clayton.
Wil je dat ik Clayton in mijn
eentje opvoed?
Mijn vader en Valeria
zullen je helpen.
Maar het is een moederstaak.
Het is mijn oma!
Doe open!
Ik moet gaan anders mis
ik mijn vliegtuig.
Ik heb de huurachterstand betaald.
Nu is het aan jou.
Maar Cris…
Wat doe je?
Ik ga weg.
Ik kan hier niet meer wonen.
Jij moet ook gaan.
Jij bent zijn neef.
Oké, oma, rustig aan.
Rustig aan?
– Ik heb mijn vader gevonden.
Cris, ik kan niet in me eentje
voor Clayton zorgen.
Pas op jezelf, Wallace.
Hij is je zoon,
je kan hem niet verlaten.
Jij bent degene die hem verlaat!
Cris, doe me dit niet aan!
Alstublieft!
Cris heeft me verlaten, man.
– Ik kan niet in de heuvels blijven.
Ze heeft me met Clayton verlaten…
Waar slaap je vannacht?
– Bij het wachthuisje. Kom je ook?
Nee, het is oké.
Ik zie je.
Je kan bij je vader slapen.
Ik zal kijken…
Ik zie je later.
– Later.
Ga, ga. Blijf op je hoede.
Wees voorzichtig, Midnight.
Fuck!
Het zijn Fasto’s mannen!
Op naar de tunnel.
Ren, Midnight! Ren, het is Fasto!
– Midnight, het is Fasto.
Stop de auto!
Stop de auto, verdomme!
We gaan!
Shit!
Hou je hoofd koel, Midnight!
Kom op, snel!
Kom op! Ik zal jullie overnemen!
Moederneukers!
Stop, klootzak!
Kom eruit!
Kom eruit, teef!
Ik ga je vermoorden!
Ik maak je helemaal af!
Eruit!
Kom uit die auto!
Ik ga je vermoorden!
Stop! Blijf daar staan, lafaard!
Ik ben de baas hier.
Laten we gaan! Stap in!
Stap in de auto!
Ik zal jou zeker vermoorden!
We gaan weg van hier!
Geef gas! Sneller!
Rot op met jullie allemaal!
De heuvel is van mij!
Bescherm onze huizen alstublieft, Jezus.
Bald Hill
Hé, Midnight.
– Hé, bro.
Ik stel je hulp op prijs, man.
Als we de heuvel overnemen,
zal ik je belonen.
Was het Fasto?
– Ja.
Ik heb je zo vaak verteld.
Goed is goed, slecht is slecht.
Ik gaf het eindelijk op.
Bebezâo!
Laat die auto, in Godsnaam!
Ik zeg het je, bro,
die kerel is een verrader!
Een ding wat ik echt haat,
Midnight, is een verrader.
Als iemand hier verraadt,
dan is hij dood!
Ik word er pissig van.
Relax, bro.
We gaan later chillen bij het feestje.
Help deze mannen!
Ze zijn er slecht aan toe.
Zodra we meer wapens hebben,
zullen we de heuvel overnemen.
Ik zei dat je hem moest doden.
– Bedankt, bro, echt.
Klote, als ik die kerel ooit te pakken krijg…
Goedemorgen, meneer.
Je was alweer te laat.
Het was onbewaakt.
Er was een bendegevecht op de heuvels.
– Dat is jouw probleem, niet de mijne.
Het leek net een oorlog,
je zag het vast wel op TV.
Je bent ontslagen.
Ga je loon innen.
Maar meneer…
Ze willen jou vermoorden.
– Mij?
Fasto kwam voor jou.
Kijk wat ze hebben gedaan.
Ik heb gezworen dat je niet
terug zou komen.
Ik was aan het werk.
Ze denken dat je met Midnight bent.
Ik wist het niet eens…
Waar is hij?
Achterin…
Pak hem!
Je deurbel is kapot.
Waar is je vriend?
Wie, Ace?
– Ja.
Ik weet het niet.
We liepen uit elkaar.
Weet je hoe je dat kan maken?
Elektriciteit? Nee…
Ik ook niet.
Mag ik van je wc gebruik maken?
Eind van de gang.
Excuseer…
Heb je gehoord over ‘t gevecht op de heuvels?
– Ik hoorde het op de radio.
Het werd een zooitje. Mijn neef,
Midnight, was de baas daar.
De andere mannen namen de heuvel terug.
Ons hele familie moest uit elkaar.
Sheila’s kind?
– Wat?
Sheila, je tante.
Je moeder had maar
een zus, of niet?
Kende je mijn tante?
Ik ging met haar uit.
Jij ging uit met mijn moeders zus?
Dus? Wil je zeggen dat je nooit
met twee zussen uit bent geweest?
Niet tegelijkertijd,
een na de andere.
Is ze nog steeds mooi?
Heb je honger?
Neem eentje…
Wie heeft je neefs plek genomen?
Iemand genaamd Fasto.
Hij was met Midnight,
maar ging bij een andere bende.
Hij is een verrader.
Verrader?
Een vieze verrader.
Maar hij heeft niet lang meer.
Verraders sterven jong.
Sommigen ontkomen…
Ik heb een vraagje…
Kan ik hier verblijven?
Ik ben bang van niet, knul.
Er wonen ook andere mensen hier.
Er is geen ruimte.
Voor één nachtje maar, man.
Toen sprong het meisje op mij en
begon mij te zoenen…
Ik verwachtte het helemaal niet!
Ze scheurde mijn kleren eraf.
Ik dacht:
“Dit is mijn geluksdag!”
Hou het stil, knul.
Ga weer terug.
Wie is het?
– Ik, Ace.
Hé, Ace!
Dit is geen hotel, knul.
– Kan ik met hem praten?
Hou het kort,
Ik wil hem hier niet hebben.
Hoe is het?
– Hé, hoe gaat het met jou?
Niet goed, man,
Ik kan nergens heen om te slapen.
Werk je vannacht niet?
Ik heb mijn baan verloren.
Kan ik hier slapen?
Dat is slecht nieuws.
Hoe zit het met Nestors huis?
Ik kan daar niet gaan.
– Wat gebeurt er, Wallace?
Waarom niet?
– Omdat ik er niet heen kan.
Maar waarom niet?
– Kan niet, man.
Jij wil praten,
ga ergens anders heen, Wallace.
Probeer het bij Caju, man.
Blijf jij of ga je met hem?
Hé, Ace…
Wat doe jij hier?
Mis je ons nu al, Ace?
Ik ben dakloos, man.
– Jij bent wat?
Slaap hier bij ons.
– Kom op…
Bedankt.
Hoe is het, man?
Kom hierheen!
Het was verschrikkelijk.
Ze hebben de winkel van
Cris’s vader vernield.
En het ergste is,
Ik weet niet eens wat ik deed.
Luister, man…
Maak je geen zorgen,
jij kent iedereen hier.
Blijf bij ons op Bald Hill.
We zullen je zeker helpen.
Nee, bedankt.
Hier zijn wat lakens en schone kleren.
Bedankt.
– Geen dank.
Goedenacht.
– Goedenacht.
Neem je geur weg van mij.
Laat me verder gaan met mijn plan.
Als ik een doorn voor je ben vandaag.
Doornen doen bloemen geen pijn.
Ik maakte een fout door mijn ziel
aan die van jouw te verbinden.
De zon kan niet samen met de maan leven.
Wat in Godsnaam?
Wat ben je aan het doen, knul?
Ik probeer het te maken.
– Maar je weet niet hoe.
Shit!
– Zet dat ding uit.
Sorry, man.
– Wil je het gebouw plat branden, knul?
Wie is deze jongen?
Zeg niet dat het je neef is.
Dat zeggen oude flikkers.
Ik ben niet zijn neef!
En ook geen elektricien.
Kijk wat je hebt gedaan.
Het is een rotzooi.
Ben je niet klaar?
– Ik ga me aankleden.
We zijn te laat.
Wacht beneden op mij.
Eet wat, Ace.
– Nee, eet jij…
Geen zorgen over mij,
ik heb al gegeten. Ga verder…
Oké, bedankt.
Zullen we door het bos gaan?
Laten we erover nadenken. We moeten een
sterk plan hebben.
Hé, Ace!
Jij ook al hier, vriend?
Alleen voor een poosje, oké?
Tuurlijk. We praten later wel, oké?
– Oké.
Oké, iedereen?
Oké, baas!
– Ga zo door!
Gaaf feestje hier op vrijdag, Caju…
met veel lekkere meiden,
of niet jongens?
Ga je, Ace?
– Ik niet.
Wat een mietje!
Heb wat plezier. Lekkere muziek…
Laat hem zien, man.
Laat hem zien hoe het moet!
Kom op, Ace,
Tijd voor wat plezier!
Noem jij dat dansen?
– Hoe is het dan?
Oké! Oké!
Wat was dat in godsnaam, Caju?
Ace, kom feesten!
Kijk naar jou, wijven denken dat
je goed uit ziet, man!
Ik heb geen zin om te dansen.
Proef wat hiervan…
Ik verspreid als een epidemie…
En als je het niet hebt gehoord…
over de funk trein…
Iedereen wil erin…
Als de heuvel begint te feesten…
Wordt iedereen wild…
op het geluid van de funktrein.
Hé, DJ!
We vertrouwen op God!
Al jullie gangster, het leven is gek!
Wij willen Midnight terug
op Dead End Hill…
Zware missie…
Als Afghanistan…
Terug naar Dead End Hlll
met Midnights bende.
Midnight en zijn crew…
Fasto, de verrader, besloot om te rebelleren.
Midnight is terug, om je direct
naar hel te sturen.
Zware missie…
Als Afghanistan..
Met Blrâo’s bende…
En Midnights crew…
En Midnights crew…
En Midnights crew!
En Midnights crew…
Goed zo!
Je hebt je deel gedaan!
Grote vriend, Birâo!
Fijn om hier met jou te zijn!
Hier is de Pelé dribbel!
Hij speelt naar achteren!
Ze bakken er niets van!
Goal!
Jouw feestje is morgen, of niet?
Welke feestje?
Morgen is zaterdag, de 6de.
Zou je gaan?
– Natuurlijk!
Ik kan niet terug door het bendegevecht.
Wil je een glas water?
– Tuurlijk.
Hier, koop wat voor jezelf, kleren of zo.
200 dollar?
– Is dat genoeg?
Ja! Maar wie is Roberto
Carvalho de Mello?
Mijn klant.
Wat voor klant?
Ik koop bouw materiaal voor hem.
Oké. Bedankt.
Neem je vriendin morgen mee voor het diner.
Ze is bij Dead End Hill.
Haar broer is met de vijand.
Ik kan niet eens met haar praten.
Ik zal Ace uitnodigen, hij is meer dan
een vriend. Hij is een broer.
Nee, hij niet…
Denk na, drie gozers die samen eten?
Kan niet!
Ken je geen andere meisjes?
Ik zal kijken…
Heraldo…
– Wat?
Bedankt voor het cadeau.
Geen dank.
Kan ik nog een gunst vragen?
Ga je gang…
Heraldo Tome Coutlnho.
Dus jij bent nu
Wallace Silva Coutinho.
Hier zo.
Kom op.
Als je later niets te doen hebt, kom langs.
Ik zal avondeten maken.
Tuurlijk, maar ik ben er eerder dan jij..
– Oké. Heb je sleutels?
Hier.
– Bedankt.
18 jaar oud!
Ja…
Wat nu?
Ik ga een baan zoeken,
een carrière, verantwoordelijkheid.
Ik bedoelde, nu.
– Nu!
Ik ga Cds kopen, wat kleren,
En geef al het geld uit.
Doe jij dat.
– Ik zie je.
Bij elkaar opgeteld was het 200 dollar.
Hou het wisselgeld, oké?
Je telefoonnummer op de achterkant,
alstublieft.
Ik heb er geen. Als ik eentje heb,
zal jij het als eerste weten.
Schrijf dan maar je adres op.
Kom je me bezoeken?
Midnight, de bestelling is aangekomen.
Maak het open.
De munitie ook.
Snel! Mijn vingers jeuken.
Waar zijn de machine geweren?
Kijk hiernaar, man!
Hier, knul, neem deze pistool.
En jij?
– Roep de anderen.
Kijk eens hiernaar, Midnight.
– Cool!
Hé, Caju, Ik ga batterijen in de
walkie talkies stoppen.
Goed.
Wat is dat?
– Een kaart
Sommigen kennen de weg niet zo goed.
Kijk, hier is het voetbalveld,
en hier zijn de trappen.
Daar is het veld niet.
Jij bent echt in de war.
Klopt het niet?
– Het is hier zo!
Maak het voor mij.
– Ik maak een ander kaart.
Oké, maak 5 kopietjes.
– 5? Voor wat, man?
Doe het snel.
Midnight wilde ze gisteren al.
Wat een irritant gedoe.
Voor kinderen of volwassenen?
– Het zal wel.
Dan voor kinderen.
Laat me een bericht in zetten.
Bezorg het nu, alstublieft.
Het is voor Camila…
Camila!
Pakketje voor de dame.
Ik heb niets besteld.
Vangen!
Nee…
– Laat me kijken…
Je ziet er goed uit.
Is dat een nieuwe rugzak?
Van mijn vader gekregen.
Vind je het mooi?
Ik vind het mooi.
Ace zit in grote problemen.
Ik weet.
Hij kwam naar mijn vaders tent,
en ik liet hem in de steek.
Nee, dat niet.
– Wat, dan?
Fiel denkt dat Ace aan Midnight
heeft verteld dat hij nog leefde.
Maar hij had het alleen tegen mij gezegd,
en ik had het aan jou verteld.
Dus Fasto wil Ace vermoorden.
– Waar heb jij het over?
En Ace is nu met Midnight.
Ik heb iets voor je.
Ace? Hij zou dat nooit doen.
Nee, bedankt, man.
– Jij hoort nu bij ons.
Ik wou alleen helpen.
Ik zag dat je hulp kon gebruiken,
en je liet mij hier verblijven…
dus was het een gunst voor een gunst.
Het is niet zo simpel.
Jij kwam. Jij wou blijven.
Waar is hij?
– Ik denk dat hij bij Bald Hill is.
Ik ga hem beter halen.
Nee, niet doen.
– Dit is ernstig, ik moet gaan.
Ik heb nog nooit geschoten.
– Dan moet je het snel leren.
Weet je wie voor het eerst een
wapen aan mij gaf?
Je vader.
Het was je vaders wapen.
Ik was maar een kind.
Hij was beveiliging in een steakhouse.
Ze zouden ‘s nachts gaan.
Hé, kinderen!
– Ik en mijn bende…
Je wordt verwend.
– Hij gaf ons veel eten.
Ik was een kleine etter. Ik bleef
zeuren tot ik zijn pistool mocht gebruiken.
Om op katten te schieten op de parkeerplaats.
We schoten er veel,
dus hadden genoeg barbecue…
voor een hele week!
Rampzalig.
Je vader was een goed man.
Een grote zwarte man, een echte man.
Hij was helemaal oké.
Hij had een wapen als deze.
Een zwarte .38 precies als deze.
Hier, voel het.
Waar was die steakhouse?
In Sâo Conrado.
Al een lange tijd afgesloten.
Het bestaat niet meer.
Wat was de naam?
Shit, man, kan ik niet herinneren…
Het was… iets met bull…
De Fine Bull?
De Fighting Bull…
Zoiets was het.
De Fiery Bull?
Kut, ja, dat was het!
De Fiery Bull. Ik heb die naam een lange
tijd niet gehoord.
Hoelang geleden was dat?
Een poosje terug, ik was 7 of 8.
Kom terug!
Een ding dat ik nooit zal vergeven…
is wat zij je vader hebben aangedaan.
Ze hebben hem verraden
en in zijn rug geschoten.
Alleen een verrader zou
zoiets lafs doen.
Wist je dat Wallace’s vader een man
had neergeschoten in die steakhouse?
Wiens vader?
– Van Wallace.
Echt niet, man.
Dat is ziek.
Je verbeeldt je dingen.
Vergeet het.
Wallace!
Ze zitten achter ons!
– Niet achter mij, achter jou!
Ga je me niet helpen?
Het is jouw probleem,
los het zelf op.
Ben je mijn vriend niet?
Laat je me zitten, partner?
Doen we het op mijn manier?
We doen het op jouw manier.
Wat doet die knul hier?
– Geen idee, baas.
Wat wil jij?
– Het is oké, man.
Praat.
– Ik wil Midnight zien.
Wie ben jij?
– Zijn neef.
Dus? Iedereen hier is wel
iemands neef.
Ik ben ook op zoek naar Ace,
een zwarte man uit Dead End Hill.
De funk danser?
– Ik weet het niet.
Een zwarte man, grote ogen,
en een mond vol tanden.
Blijft maar praten.
Ja, dat moet hem zijn.
Wat is hij van jou?
Hij is mijn partner, mijn broer.
Het is oké, Dimas.
Hij hoort bij ons.
Oké, dan…
Alles in orde, vriend?
Hij is in orde,
hij is altijd ons vriend geweest.
Waarom ben je hier?
– Ik kom met je praten.
Jij hebt met die meisje gepraat.
Hij is haar broer,
wat moest ik anders?
Haar broer is wel Fiel.
Ik had je verteld om je mond te houden.
Ik bedoelde het niet zo, man.
– Nee?
Ik kon niet liegen!
Haar broer leefde nog.
Je bedoelde het niet zo?
Zoals je vader het niet bedoelde
om mijn vader te vermoorden?
Waar heb je het over?
– Waar ik het over heb?
Vraag je vader wie hij heeft vermoord!
Vraag of die kerel die hij vermoordde,
de beveiliging was van het steakhouse.
Vraag hem of hij mijn vader vermoordde!
Kom op, Ace…
Kom op?
– Rustig aan.
Wie heeft wiens vader vermoord?
Kom, we gaan.
We gaan weg van hier.
Weg? Ga jij maar!
Vind je het hier niks, playboy?
Dan moet je oprotten!
Kijk naar de playboy!
– Rop op!
Opzouten, sukkel!
Eruit, klootzak!
Donder op…
Wees op je hoede.
Blijf dichtbij, als vlees en bot.
We gaan via de voorkant naar binnen.
Hé, knul. De show begint nu,
en jij zit erin.
We vechten voor wat ons toe behoort, oké?
We vertrouwen op God…
We staan hier samen tegenaan, Ace.
Mijn vriend!
Lang zal hij leven…
Heb jij de vader van Ace vermoord?
Heb jij de vader van Ace vermoord?
Vertrouw op God!
We leren deze verraders een lesje!
Midnight, we gaan het terug pakken!
We vertrouwen op God, broer!
We gaan Fasto pakken!
Kom in de auto met mij, Ace.
Zit niet te dromen en stap in!
Vertel!
Heb jij zijn vader vermoord?
Ga zitten.
We waren vrienden, zie je.
We werkten samen.
Hij had de heuvels verlaten. Hij woonde
ergens anders met een ander vrouw.
Ik was ook niet meer samen met je moeder.
Ik begon aan een klus met wat anderen.
Kut, wees stil, man!
Maak het open, verdomme!
Hij was de eerste die ik vroeg.
Maar hij was echt koppig.
Dus we besloten om het te doen
op zijn vrije dag.
Hij hoorde daar niet te zijn, maar hij was
gek op de schoonmaakster.
Ik had geen keus.
Wat doe je?
– Luizâo, ben je hier?
Heraldo, ben jij gek, man?
Laten we praten, niet bewegen.
Hij kwam naar mij schieten.
Klote, Luizâo! Stop!
Hij zou mij vermoorden.
Dus ik verdedigde mezelf.
Die kerel was mijn vriend.
Ik wou geen vriend dood maken.
Ik moest wel schieten,
het was hij of ik.
Ik kreeg 20 jaar, en
heb 15 ervan gezeten.
15 jaar lang in de gevangenis,
je hebt geen idee.
Ik ga sigaretten kopen.
Politie!
Rustig, man.
– Niet bewegen!
Doe je shirt omhoog.
Ga zitten, knul.
Waar is Heraldo?
– Ik weet het niet.
Waar is hij, godverdomme?!
– Weet ik niet!
Kijk! Gestolen kaarten en cheques.
Daar is hij!
Stop!
Niet bewegen!
Waardeloze sukkel!
Wat ga je nu doen?
Snel!
Ik zei toch dat ik je zou
pakken, of niet soms?
Je gaat wegrotten in de
gevangenis, vriend!
Laten we gaan!
Terug naar de gevangenis!
Ik wil actie!
Ik wil Fasto dood hebben!
We hebben genoeg munitie,
dus iedereen doet zijn taak. Begrepen?
Geen onschuldigen verwonden.
Bewaar je kogels voor Fasto.
De heuvel is van ons.
– Overwinning!
Ace…
Waar droom je nu over?
We zitten hier samen in!
De heuvel is van ons, verdomme!
Laten we het doen, broer…
Birâo!
– We doen het!
Fasto is verleden tijd!
Midnight is de baas!
Hé, Birâo…
– Wat?
Jij gaat via deze kant en we
zien elkaar bij Taliba, bro.
– Overwinning!
Jij komt met mij…
– Wees op je hoede!
Waar ben je, Bebezâo?
– We gaan.
Kom met mij! Hier zo!
Kom op!
Bij die steeg daar!
Eentje links, Eentje rechts.
Volle aandacht, man.
Birâo, kom met mij.
De heuvel is van ons!
Kom, kom. Hierzo.
Let goed op daar.
Shit!
We zijn omsingeld!
Doe je lichten uit, man!
Stomme idioot!
Sukkel!
Shit, Midnight!
– We zijn de lul!
Laten we gaan!
Die klootzak!
Kut, man.
– Wat?
We gaan naar boven…
We gaan naar boven!
Ik zie je boven wel.
Rustig, man…
Hij is daarzo.
Ga, snel!
Hé, Ace…
We gaan weg van hier, man.
Kom op, Ace!
– Weg gaan?
Wiens schuld is het dat ik hier ben?
Wiens schuld is het?
Vertel!
Ik weet dat mijn vader
jouw vader heeft vermoord.
Maar het was zelfverdediging!
Zelfverdediging?
Mijn vader was in zijn rug geschoten.
In zijn rug geschoten?
– Hij schoot recht in zijn rug.
Hoe bedoel je?
Hij zou dat nooit doen.
Ze waren vrienden.
Vrienden? Zoals jij mijn vriend bent?
Wat ga je doen?
Kom op, Ace.
Ben ik je vriend niet?
Ben ik geen vriend?
Dan schiet op mij.
Schiet me neer.
Kom we gaan weg van hier.
We gaan, Ace.
Als je sterft,
zal je zoon net als ons zijn.
Vaderloos.
Wil jij dat?
Kom we gaan, Ace.
Wacht even.
Waar is iedereen?
– Het gaat slecht, bro.
We hebben de meeste vermoord.
De heuvel is al van ons.
Heb je Midnight vermoord?
Ik heb die klootzak vermoord
en zijn lichaam gedumpt.
Iedereen wees voorzichtig nu!
We hebben ze weggejaagd.
We gaan nu naar de top.
Verdomme. Ze hebben Fasto vermoord.
– Fasto? Fasto!
Ze hebben de baas vermoord, man!
Papa komt eraan.
– Geef hem aan mij.
Kom hier, zoon.
Rustig aan, rustig aan.
Ga rustig zitten.
Ik hou van je.
Vanaf nu af aan, is het alleen jij en ik.
Ik ga je opvoeden,
ik zal voor je zorgen.
Nu is het alleen wij twee.
We kunnen niet meer op de heuvels
blijven, Cris.
Ik zal voor alles zorgen
tot jij terug bent.
Ik neem Clayton.
Ik bel je wel als ik wat vind.
Waar neem je hem mee?
Waar ik ook ga.
Hij is mijn zoon.
Hou van je.
We gaan.
Zeg doei doei tegen tante.
Zeg dag!
Ga. God zij met je.
Geef deze boodschap aan Camila.
Hier heb je één dollar.
Ik ben al weg.
– Schiet op, en niet stoppen.
We gaan.
Kom op, we gaan!
Ik weet niet hoelang
het zal duren.
Maar nu ben jij daar en
ik ben hier.
Weg van de plek waar ik geboren ben…
de plek waar iedereen mij kent…
waar iedereen weet wie ik ben.
Weg van de plek, dat
ooit van mij was.
Wat nu, Ace?
Wat nu, Wallace?
Wat nu, Clayton?
We gaan naar mijn vaders stekkie.
Ik heb de sleutels.
Waarom niet?
Clayton, maak je geen zorgen want
ik zal je alles leren wat ik weet.
Laten we oversteken.
– Oké.
Clayton, voordat je de straat oversteekt,
moet je beide kanten kijken.